Sveaparken: de parel die zijn glans verliest

Afgelopen zaterdag 30 juni is GroenLinks Schiedam langs de deuren geweest in Sveaparken. Naar aanleiding van dit bezoek heeft Menno Siljee onderstaande column geschreven.

Het is alweer 25 jaar geleden dat toenmalig wethouder Adri Reijnhout, geïnspireerd door zijn reizen door Zweden, het idee opperde om in Schiedam een wijk te bouwen die gebaseerd zou zijn op de bouwstijl van dat land. Samen met de Engelse architect Ralph Erskine werd een concept van Scandinavisch bouwen ontwikkeld die aansloot bij de typisch Nederlandse weersomstandigheden. In de tweede helft van de jaren negentig werd een voorzichtig begin gemaakt met het realiseren van Sveaparken.

Dat de wijk een begrip zou worden, was overigens niet bij voorbaat gegarandeerd. De met havenslib opgespoten weilanden van Kethel en Spaland bleken letterlijk gebaseerd op drijfzand en met name in de wijk De Velden ontstonden forse verzakkingsproblemen. Een gewaarschuwd mens telt voor twee, dus werd besloten de grond in Sveaparken langer voor te belasten met zand. Die vertraging kwam overigens niet slecht uit, omdat er ook marktpartijen moesten komen die interesse hadden. Uiteindelijk vormde de gemeente, samen met drie ontwikkelaars, de ontwikkelmaatschappij Midgard. Dat op een later moment overigens de sociale woningbouw geschrapt werd en de Kronaflat dubbel zo hoog zou worden, lag met name aan de eurotekens die rond de eeuwwisseling in de ogen van de ontwikkelcombinatie kwamen. Uiteindelijk leverde het, ondanks de crisis die het staartje van de bouw parten speelde, een mooie wijk op met als bijkomend voordeel een goed gevulde portemonnee voor de deelnemende partijen.

Anno 2018 is Sveaparken nog steeds één van de door de stad benoemde parels, naast o.a. de historische binnenstad en de parken. Waar echter in de binnenstad in het afgelopen decennium fors is geïnvesteerd, wordt dit in de, voor Nederland unieke, Zweedse wijk nagelaten. Er is wel een hoger niveau van groenonderhoud dan in de rest van de stad, maar de hoeveelheid openbaar groen laat al te wensen over. Wie, zoals GroenLinks dit weekeinde, de wijk bezoekt, kan constateren dat die parel zijn glans aan het verliezen is. De bewoners van het eerste uur geloven nog steeds in het open houden van tuinen en binnengebieden. Nieuwkomers zijn echter steeds meer geneigd om bij het tuincentrum een metershoge schutting te kopen en deze hoogstens nog wit te verven. Waar in de beginperiode de gemeente nog zeer streng de welstandsregels handhaafde, verrijzen nu tuinhuisjes en weinig sierlijke pergola’s. Ook worden steeds meer parkeerplaatsen gecreëerd, waar er oorspronkelijk geen bedoeld waren. Blik rukt op en groen verdwijnt.

Ook de gesteldheid van de bodem baart veel inwoners van de wijk zorgen. Toen de bewoners de huizen kochten was de prognose van de gemeente dat de grond maximaal 30 centimeter in 10 jaar zou verzakken. Nu deze periode ruim verstreken is blijkt dat dit gebaseerd was op weinig gefundeerde voorspellingen. Het bezoek van GroenLinks leerde dat er bewoners zijn die de grond letterlijk onder hun voeten hebben voelen wegzakken. Ondanks tussentijdse ophogingen, op een aantal plekken ook door de gemeente, wordt op plekken in de wijk een veelvoud van de prognose gehaald. En de gemeente? Die stelt de ophogingen van het openbaar gebied steeds verder uit. Het is inmiddels al vijf jaar na de eerste beloofde momenten waarop de ophogingen zouden plaatsvinden. De communicatie met bewoners daarover is overigens een gemeente onwaardig; mails worden niet beantwoord of er worden verschillende data aangegeven. In één ding is de gemeente wel duidelijk: hij acht zich niet verantwoordelijk voor de situatie.

Is er dan geen enkel compliment voor de gemeente? Natuurlijk wel, want in het algemeen zijn de inwoners van de wijk erg tevreden over hun leefomgeving. De meesten willen dan ook niet weg. Het openbaar vervoer is weliswaar niet goed, de gemeente zou maatregelen moeten treffen om het te hard rijden door automobilisten aan te pakken en ook is het aantal parkeerplaatsen te klein; voor de rest is er een goede sfeer in de wijk. Overigens zou één ontwikkeling daar letterlijk een schaduw over kunnen werpen: de dreigende uitbreiding van het aantal vluchten door buurman Zestienhoven. Ook voor het verzet daartegen krijgen de gemeente en GroenLinks door de bewoners lof toegezwaaid.

Sveaparken: een parel, maar wel één die erg veel aandacht nodig heeft de komende jaren. Want zo glimmend als in de beginjaren, is deze zeker niet meer.